Blog Image

Roel Bosch

Over dit blog

Beschouwingen en teksten, columns en artikelen.
Vrij gebruik in context waar de teksten tot hun recht komen, met auteursvermelding.

Bijna tijd – gebed voor de Kerstnacht

Teksten Posted on wo, december 22, 2021 20:40:29

Het is al bijna tijd voor de geboorte, weet je, het grote begin.
Wachten op een kind is een en al mysterie:
heeft het mijn neus of de jouwe, de kin van oma, de gein van oom Gijs?
Zal ze zingen als haar zusje, of voetballen als haar broertje?
We stellen het ons al voor, een stem, een gezicht…



Jezus, kind, zo lang verwacht, wie zal jíj zijn?
Hoe het met je ouders zit is onzeker –
maar van je vader horen we dat hij heel creatief is en je moeder de Geest van al het leven.
Als de verhalen kloppen leef je in ieder van ons,
en toon je jezelf op de meest onverwachte plaatsen.

Wie zal jíj zijn,
waar vind je óns, als je komt en tussen ons in een plekje vindt?
We bidden dat we geduldig en vriendelijk zijn,
we bidden dat we je nemen zoals je bent,
dat we je van harte welkom heten.

Als je staat in de schoenen van de arme,
bidden we dat we niet op je neerkijken;
als je komt als vreemdeling,
hopen we dat we niet direct argwanend naar je staren;
als je naar ons opkijkt met het gezicht van een baby,
bidden we dat we geduldig en vriendelijk zijn
en ons herinneren hoe het voelt: een nieuweling te zijn op de planeet.

Nu we wachten op je geboorte,
nu we ons afvragen hoe en wie je deze keer zult zijn,
bidden we dat we blijven zoeken naar jou, in de wereld waar je zo van houdt.

En als we daar niet in slagen,
vergeef ons, en draai ons in de rondte.
Als we de verkeerde weg nemen,
leid onze voeten terug.
Zoals we leven, wachtend, wakend, vol verwondering,
laat ons zo ook altijd open zijn voor jou.
Het is al bijna tijd voor de geboorte, weet je.
Amen.

vertaling Roel Bosch, van een tekst uit Some Resources for a Christingle Service, Ruth Burgess & Sally Foster-Fulton, Wild Goose Resource Group, 2017.



Hoor, Smid van de hemelen!

Teksten Posted on zo, november 21, 2021 21:12:09

Een harde tijd, IJsland rond het jaar 800. Strijd tussen stammen en groepen, wapengekletter. Smeden deden hun best de sterkte zwaarden te maken, hun pijlpunten te scherpen in het vuur.
In die tijd schreef Kolbeinn Tumason een gebed, Heyr hymna smiður. Als tekst is het overgeleverd, en nu, 1200 jaar later, op muziek gezet. Het klinkt krachtig en zacht tegelijk. Kolbeinn gebruikt de taal die hij kent, de woorden die hij kent. God is de smid die hemel en aarde gemaakt heeft, de kunstenaar die het materiaal volledig beheerst, de koning die zachtmoedig is en waakzaam. God: alles waar Kolbeinn en zijn mensen zo naar uitkijken.
Deze morgen klonk de tekst bij ons, als eerste deel van het gebed. Om stil van te worden. Gezongen door de Young Vocals, o.l.v. Daniël Claas.

Smid van de hemelen, hoor
wat de dichter vraagt.
Dat uw goedheid mij
stil bezoekt.
U roep ik aan,
want u hebt mij gevormd.
Ik ben uw knecht,
u bent mijn Heer.

God, ik roep u aan,
maak me heel.
Denk aan mij, Zachtmoedige,
we hebben u zo hard nodig.
Koning van alle zonnen,
vrijgevig, groot,
verdrijf elke menselijke zorg
uit de onrust van het hart.

Waak over mij, Zachtmoedige,
we hebben u zo hard nodig,
ja, zeker ieder moment
in ons leven als mens.
Zoon van de Maagd, zend ons
het goede,
alle hulp komt van u
en heelt mijn hart.

De muziek is van de groep Árstíðir.
Bij de vertaling van de tekst koos ik ervoor dicht bij de bron te blijven. ‘Smid van de hemelen’ wordt vaak vertaald door ‘Schepper van de hemel’, of ‘van hemel en aarde’. Het woord ‘schepper’ is een theologisch woord, ‘smid’ een ambachtelijke term. Ook het oudste Engelse lied over God, van Caedmon, rond 650, gebruikt een ambachtsterm: ‘Bouwmeester’. Die concrete taal kunnen we wel gebruiken. De woorden drukken ontzag en verwondering uit.





Het lied van de aarde

Teksten Posted on za, oktober 30, 2021 09:24:56

Tafelgebed ‘Het lied van de aarde’,
uit Vieren met teksten van de Wild Goose Resource group, Utrecht 2018, p. 87-89 – vertaling Roel Bosch

Een gebed bij het vieren van de tafel, uit de liturgische schatkamer van de Iona Community.

V: De harten omhoog!
A: Als bloemen naar de zon!
V: Laten we God danken.
A: Het is goed om God te danken en te prijzen

Goed is het dat we u prijzen,
en dat we weten dat we dat niet alleen doen.

Elk atoom zingt van u,
het kleinste schepsel en de hoogste berg
zijn getuige van uw creativiteit;
de kracht van muziek die ons raakt
en het kind dat ons vol vertrouwen de hand reikt
dragen uw liefde op ons over.

Ook al horen wij ze niet,
de bossen zingen van vreugde.

Ook al zien we ze niet,
de heuvels dansen als lammeren.

Ook al merken we het niet vaak op, dagelijks speelt de schepping een symfonie,
een schouwspel voor u.

In deze wereldwijde muziek zijn wij, schepsel uit uw hand, opgenomen.

Daarom zingen we,
met de bossen en de heuvels,
met de natuur en al haar harmonie en vreemde klanken.

En we zingen,
met mensen in alle landen,
met de talen van alle volken.

En we zingen,
met hen die ooit met ons aan tafel zaten
en nu te gast zijn bij u in de hemel

En we zingen
met de engelen en de heiligen
die nooit zullen zwijgen,
want u bent er altijd bij.

Met hen zingen we het lied van uw glorie:

Sanctus en Benedictus/ Heilig, gezegend die komt
(liefst een gezongen vorm, anders gesproken door allen:)
Heilig, heilig, heilig, God,
God zo krachtig en sterk;
hemel en aarde zijn vol van uw glorie,
hosanna in de hoge!
Gezegend hij die komt in de naam van de Heer.
Hosanna in de hoge!


Heilige God, u geeft zoveel meer dan wat wij kunnen geven!
Met dank en eerbied gedenken wij hem
die onze gastheer en onze redder is.

Hij werd geboren in het duister,
als ons eigen vlees en bloed, zo kwam hij.
Gedoopt werd hij in solidariteit met allen
die verlangen naar een betere wereld,
hij raakte de mensen aan die met hun ziekte hem zouden kunnen besmetten,
hij at met de mensen die zijn naam naar beneden konden halen,
als ons eigen vlees en bloed, zo kwam hij.

In ieder gewoon mens herkende hij het unieke,
dode traditie vormde hij om tot levend geloof,
hij troostte en schokte,
maakte heel en bracht in verwarring,
als ons eigen vlees en bloed, zo kwam hij.

En toen: genegeerd door wie hem gevolgd hadden,
gekruisigd door wie bang voor hem waren,
dood, begraven,
verdoemd naar de hel –
totdat de hemel zijn opstanding eiste
en hij opstond om alles wat wij geruïneerd hadden op te richten.
Ons eigen vlees en bloed,
hem houden we hoog,
Jezus is zijn naam.

God, heilig, genadig,
die hier nu bij ons is,
zend uw heilige Geest
over dit brood en deze beker,
en vul ze met de volheid van Jezus Christus.

En terwijl we delen in deze heilige gaven,
geef dat de Geest ons voedt, omhelst en verandert
totdat we door het geheim van uw genade
weten dat we zijn eigen vlees en bloed zijn,
en de keus maken om Christus lief te hebben en te volgen,
nu en altijd. Amen.

Lindenlaan Zeist, okt. 2020- foto Roel Bosch



Kleine tekens van genegenheid

Teksten Posted on ma, januari 18, 2021 19:38:56

Kleine tekens van genegenheid – versie in coronatijd

Ik dacht hoe dat toch kan, dat je over de stoep loopt en die onbekende,
die jou daar tegemoet komt, wijkt voor je uit, ongevraagd.
Of dat je in de rij staat voor de bakker, en de vrouw die naar buiten komt
kijkt naar je alsof ze zeggen wil: Dank u dat u voor mij wilde wachten.
Die keer dat je wat liet vallen, dat iemand toch even dichtbij kwam,
en het voor je opraapte.
Dat de chauffeur van de bestelbus je laat voorgaan, en even zwaait.
Ze zeggen: We leven allemaal in onze eigen bubbel.
Maar soms merk je daar niets van. Mensen zijn we, samen,
de een houdt de ander in het oog. Alsof we iets,
alsof we veel gemeen hebben.
Als dat nu eens de woonplaatsen zijn van het heilige, –
vluchtig, ja, maar toch ook: vluchtige tempels die we samen bouwen
als we elkaar zien en zeggen: ‘Hier, gaat ú hier maar zitten’, ‘Nee, na u’,
‘Wat staat dat mondkapje u goed!’

En hier de pre-coronavariant, een vertaling uit het Engels.

Ik dacht hoe dat kan, dat je door een volle coupé
loopt, en dat de mensen dan vanzelf hun benen intrekken
om jou te laten passeren. Of dat een vreemde zomaar zegt:
‘Gezondheid’, als iemand niest, een herinnering
aan angst voor ziekte. ‘Nee, niet doodgaan’, zeggen we dan.
En soms, als de sinaasappels uit je tas rollen,
dat iemand anders helpt ze op te rapen. Meestal
willen we echt iemand anders geen kwaad doen.
We willen onze kop koffie aangereikt krijgen,
en ‘dank u wel’ zeggen tegen de persoon die hem gaf. Even
een glimlach en weer een glimlach terug. Of dat de dame
die ons de soep brengt ‘alsjeblieft schat’ zegt bij het neerzetten,
en dat de chauffeur van die bestelbus ons laat voorgaan.
We hebben maar zo weinig gemeen, tegenwoordig. Weg
van stam en kampvuur. Alleen deze kleine momenten wisselwerking.
Als dat nu eens de woonplaatsen zijn van het heilige, -vluchtig, ja, maar toch ook: vluchtige tempels die we samen bouwen
als we elkaar zien en zeggen: ‘Hier, gaat ú hier maar zitten’, ‘Nee, na u’,
‘Wat een leuke hoed!’

Small kindnesses, Danusha Laméris
vertaling Roel Bosch



Zaligsprekingen voor vandaag de dag

Teksten Posted on ma, september 21, 2020 16:51:14

Gezegend jij die je handen wast, want jij zult het levende water proeven.
Gezegend jij die afstand houdt, want je komt dichter bij God.
Gezegend jij die in quarantaine gaat, want je helpt anderen.
Gezegend jij die niet hamstert, want je geeft mensen te eten.
Gezegend jij die zingt voor wie niet naar buiten durft te komen,
want je zingt mee met de engelenkoren.
Gezegend jullie, ouders die hun kinderen thuis bij de les houden, want je zult van je kinderen wat kunnen leren.
Gezegend jij, die boodschappen doet voor ouderen, want je ontvangt eeuwige dank.
Gezegend jij, werker in de eerste lijnszorg, want je zult redder van de mensheid heten.

Thom M. Shuman, vert. Roel Bosch
Oorspr. in Voices Out of Lockdown, Jan Sutch Pickard (ed)

De Iona Community verzamelde teksten uit de Lockdown-periode, en bundelde die.
Ik vertaalde deze,
als handreiking voor wie het allemaal lang gaat duren,
voor wie boos wordt op …,
voor wie zorgen over morgen het heden overspoelen,
voor wie eigenlijk niet?



Weg en toch dichtbij

Teksten Posted on zo, mei 24, 2020 11:26:53

Voorbede voor de tijd tussen Hemelvaart en Pinksteren

Weg en toch dichtbij –
we bidden dat we u tegen mogen komen op de wegen die we gaan.
Help ons in het gewone, alledaagse
uw hemelse nabijheid te ervaren,
zodat deze aarde heilige grond is.
God, in uw genade, hoor ons gebed

Weg en toch dichtbij –
we bidden voor mensen die zich ver van alles voelen,
apart gezet om wie ze zijn,
hun geloof, hun karakter, wat ze wel of vooral ook niet kunnen.
Dat ze weten dat ze niet alleen zijn,
dat hemel en aarde ook voor hen de plaats zijn waar ze leven mogen.
God, in uw genade, hoor ons gebed

Weg en toch dichtbij –
we bidden voor wie zich alleen gelaten voelt,
kinderen, geliefden, ouders,
mensen van elkaar gescheiden,
met opzet, of door wat het leven hen heeft gebracht.
Dat de alleenheid gevuld wordt met aanwezigheid,
van gedachten, woorden, herinneringen die helpend zijn.
God, in uw genade, hoor ons gebed

Weg en toch dichtbij –
om onszelf bidden we, op 1,5 meter of meer gezet,
door wolken en muren aan elkaars blik onttrokken –
dat we nabijheid ervaren, liefde,
de aanraking van uw Geest.
God, in uw genade, hoor ons gebed

    Roel Bosch, avondgebed 21 mei 2020



Zondag 3 mei: Amalek heft de hand op.

Teksten Posted on zo, mei 03, 2020 14:27:39

Uw hand, God, strek hem uit over deze wereld.
Uw hand die zegent en kracht geeft,
die al zo vaak mensen omhoog heeft getild,
mensen aan elkaar heeft teruggegeven.
Uw hand die streng kan zijn,
die wil tegenhouden wie het kwade zoekt,
die aan Amalek geraakt heeft,
die de weerstand kent van valse overmacht, van onmenselijk geweld.
Uw hand, God, strek hem uit over ons,
die hand die kan troosten,
die hand die weet van pijn,
van marteling en dood.
Uw hand, God, dat we leven, in uw naam,
ons leven in uw handen,
onze handen tekens van uw leven,
in Jezus Christus onze Heer.

Dit is de zondag die grenst aan 4 en 5 mei. Dodenherdenking en Bevrijdingsdag liggen naast elkaar. In de doorgaande lezing uit Exodus komt Amalek om de hoek zetten, het volk dat de Israëlieten in de rug aanvalt. Amalek heft de hand op.
Het is een riskant gebaar. Wie de hand opheft, zeker gestrekt, rechts, schuin omhoog, wordt tegenwoordig opgepakt. Het herinnert te veel aan het symbool van het fascisme van de 20ste en de 21ste eeuw. Die gestrekte arm is een al te assertief gebaar. Het schreeuwt: ik zal leven, ten koste van …
Maar er is ook dat andere opheffen van de handen. Een open opheffen, naar boven, naar God, een bede, een zegen. Mozes doet het, zolang hij kan. Het is een zware taak, zo: zegenend. De kracht van de Eeuwige legt hij op het volk. Hij, de profeet, kan het niet alleen, de priester en de volksleider staan naast hem.


We gaan op weg naar Hemelvaart. Jezus zegent de zijnen, zegent de wereld, opgeheven handen, zolang het kan. Zoals hij zegent bij zowat elke verschijning.
De andere kant van opgeheven handen: het hoofd buigen, onder die opgeheven handen van de Eeuwige. Aanvaarden, dat je kracht ontvangt van de Ene. Het gebaar van de zegen van Christus als grondslag van zekerheid en moed durven beschouwen.



…. en maakte hem heel.

Teksten Posted on vr, april 17, 2020 14:07:59

David Scott is een collega van me, predikant met emeritaat, hij woont nu in een ‘care home’ in Engeland. Hij schrijft ook gedichten. De uitgever van een van zijn bundels plaatste met Pasen dit gedicht van hem online. Het raakte me, ik gaf het door in de Paaspreek. En nu dan hier in mijn blog.

Pasen (III) – David Scott

Het lege graf was als een open mond,
zo wezenloos, zo onverhoeds. Slechts kleren
waren over, lam als een gebroken hart.
Het miste alle leven, geen hoop vulde het gat,
geen spoor te volgen, niets om aan vast te houden,
zelfs engelen ontbraken. Zo zag ik mensen, weg.

Toch: toen tijd verstreek en schuchter licht
de mussen en de leeuwerik liet zingen,
hoorde ik de toon waarvoor ik eerst nog doof was.
Niet te vroeg en niet te laat, voordat
de dauw verdwenen was, ze waren lang nog,
strepen schaduw, strepen licht, kon ik het woord
geloven voordat iemand het ooit zei.
Het graf was leeg, mijn hart was vol.
De liefde voegde Christus bij elkaar en maakte hem heel.

Easter (III)

The empty tomb was like a mouth aghast,
all presence gone and so fast. Only clothes
remained, limp like a broken heart.
It lacked all life, no hope could fill the void,
no clues to follow, or hints to clutch at,
not even angels. I have seen men as such.

Yet as the minutes passed, and the thin light
inspired the sparrows and the larks,
I heard a tune that earlier I was deaf to.
Not too early and not too late, before
the dew had dried and in the length
of shadow and of light, I could believe
the tale before ever I was told.
The tomb was empty but my heart was full.
Love pieced together Chist and made him whole.

David Scott, Beyond the Drift, New & selected Poems



Volgende »