Blog Image

Roel Bosch

Over dit blog

Beschouwingen en teksten, columns en artikelen.
Vrij gebruik in context waar de teksten tot hun recht komen, met auteursvermelding.

De linde

Natuur en dieren Posted on di, juli 09, 2019 17:23:55


De grote vriendelijke reus en al haar vrienden:
zo staan ze langs de weg en wuiven, stil en zacht.
Hun blad van vilt is hartelijk en mild,
de takken strekken zich en bukken diep.
De man die hier de baas was wist het goed,
de linde laat zijn zachte kanten zien.

Maar hij is allang dood. De bomen staan er nog,
geplaatst, misplaatst als beeld van man en macht.
Ze buigen dieper door, raken de grond,
hun stam de kleur van stenen die hier altijd waren.

Wanneer de avond valt begint hun leven echt.
De vleermuizen komen tevoorschijn uit de bast
en afgetekend in de lucht zie ik de boom: rechtop,
de kroon zo rond en trots, de spiegel van de maan.

Carsaig Bay, 7 juli 2019



The Sycamore

Natuur en dieren Posted on ma, juli 08, 2019 17:46:24

A crown
of light, green leaves,
on every
branch a multitude of wings,
the
stems covered in moss and lichen,
the
willow warbler looking after flies,
and on
the bark the treecreeper climbs slowly up.

Behind it:
cormorants on rocky shore,
seals gently
passing by.
Right
through the tree you may see dolphins dancing,
or otters
playing at low tide.

The
sycamore, non-native tree,
a
stranger on the isles,
not one of us, no birch nor oak,
and yet
a home for many,
a beacon
on the rocks,
so
welcome, welcoming the life
that’s
gathered all around.

De
esdoorn

Een kroon van licht, geelgroene bladeren,
aan elke tak een overvloed aan vleugels.
De stam is overdekt met mos in groen en grijs,
de fitis zoekt onder de bladeren naar luis,
en op de bast klimmen de boomkruipers omhoog.

Daarachter: aalscholvers op rotsen,
zeehonden in trage vaart voorbij.
Soms zie je door de boom heen de dolfijnen dansen,
of otters spelen met het lage tij.

De esdoorn, boom van overzee,
een vreemdeling op deze kust,
geen eigen berk, geen eik,
en toch een thuis, een haven,
een baken op de rots,
zo welkom heet ze al het leven welkom
dat zich verzamelt rondom deze plaats.



Aalscholver op tafel

Natuur en dieren Posted on zo, december 25, 2016 21:37:06

‘Onmiddellijk achter
de boerderij bood zich onverwachts een gezicht, dat op ons allen, niet het
minst echter op de ons vergezellende dames, een onvergetelijken indruk maakte.
Daar vonden wij namelijk achter een schuurtje aan den slootkant een 170-tal doode,
zoo goed als volwassen aalscholvers op hoopen liggen, en daarbij een viertal
mannen en jongens ijverig bezig, deze vogels, die kort te voren met lange
stokken uit de nesten gestooten waren, de huid af te stropen, van de ingewanden
te ontdoen, in de sloot uit te wasschen en voor den verkoop te Rotterdam in
gereedheid te brengen. De Heer Smit vertelde ons, dat in den zomer gedurende 10
weken vanaf begin Mei, elken Vrijdag 150-200 dezer vogels op deze wijze
toebereid naar de stad worden gebracht, waar zij voor
±
30 cents per stuk gereeden aftrek vinden.’

Hoe ik aan dit citaat kom? Een boekje. Gisteren na de
kerstnachtdienst gekregen. Misschien dat ik dit wel leuk zou vinden, zei hij,
het viel hem zomaar toe, hij kon er niets mee. Een jaarverslag van de
Nederlandsche Ornithologische Vereeniging uit 1910. En zo kom ik opeens in een
andere wereld terecht: die van een groep mannen, van ‘standing’, die van vogels
houden. Levend of dood. Hun uitje van 24 juni staat er in beschreven, met een
stoomboot op bezoek bij de aalscholverkolonie en eendenkooi in de buurt van
Rotterdam. Niet alleen de mannen, maar ook een paar vrouwen – geen lid
natuurlijk – mochten mee. Zo kwamen ze bij de eendenkooi Bakkerszwaal bij
Lekkerkerk. Op afstand zagen ze de aalscholvers al zitten, grote bomen tot
onder aan toe kaal, tientallen nesten. En, dichterbij, aan wal gebracht met een
paar roeiboten, vonden ze die hopen dode vogels.

Ze horen dat er van begin mei tot eind juni elke vrijdag een
lading jonge schollevaars naar de markt gaat, totaal zo’n 2000 stuks. In 1909
waren het er 1768, de administratie is goed op orde. Ze rekenen het even door.
Ieder jaar worden er 8000 jongen grootgebracht, minus deze 2000, dan blijft de
kolonie met gemak op grootte. Eigenlijk is het wel heel goed bekeken zo: geen
mens wil zoveel stinkende nesten in de buurt hebben, maar door deze oogst van
jonge vogels levert de kolonie toch winst op voor de eigenaar van de grond, en
worden ze gedoogd. Eigenlijk is het een soort van belasting, tribuut. ‘Evenals een kippen- of eendenfokkerij is
het hier een aalscholverfokkerij, slechts met dit verschil dat, in de plaats
der eigenaars, de ouders zelf zich met het grootbrengen der jongen belasten en
zoodoende aan den eigenaar hun tribut betalen.’
foto’s uit het jaarverslag: ‘onze liefhebber-photografen waren terstond in volle actie, om dezen onvergetelijken aanblik op eenige platen vast te leggen.’

Direct op internet natuurlijk gezocht naar een recept voor
aalscholver. Maar behalve een paar boze vissers die roepen dat aalscholvers in
democratisch Zwitserland wel geschoten en gegeten mogen worden maar hier niet,
vind ik niets. In een eeuw tijd is een gewoonte verdwenen. Wie, in of om
Rotterdam, weet nog van aalscholver op tafel? Als Jac. P. Thijsse, al vanaf het
begin in 1901 een van de leden van de vereniging, zijn boek Het Vogeljaar in
1942 in vijfde druk uitgeeft, schrijft hij over de kolonie in Lekkerkerk, maar
over vangen en eten zwijgt hij.

In uithoeken van de wereld is nog iets van de gewoonte van
het ‘oogsten’ van vogels bekend. ‘The Guga hunters’ van Ness, aan de uiterste
punt van Schotland, op het eiland Lewis, gaan nog ieder jaar voor een soort
rite-de passage naar Sula Sgeir, de ‘Rots van de Jan van Gent’, om daar jonge
Guga’s te vangen, te doden, te roken en mee naar huis te nemen. Er is een
strikt quotum, het evenwicht tussen dierenrechten en het behoud van cultureel
erfgoed is wankel. Weinig mensen lusten deze ‘zeegans’, anderen maken een lange
reis om hem te pakken te krijgen. Ik vermoed dat de aalscholver ook niet erg
verfijnd zal smaken: vissig, tranig, vettig, en misschien ook wel, ondanks de
jonge leeftijd, taai. Maar het zal vast ook een unieke smaaksensatie bieden, na twee dagen
marineren vast eetbaar.

De heeren en enkele dames aten deze dag toch wat anders. Ze voeren terug naar ‘het door zijn zalmvisscherij en zalmmarkt beroemde Kralingsche Veer’ en aten daar broodjes zalm. Zalm uit de Maas bij Rotterdam. Kom daar nu eens om… Of misschien in 2030?



Ik was een vogelkijker

Natuur en dieren Posted on di, september 02, 2014 21:50:53

‘Ik was een vogelkijker. Met verrekijker en al erop uit.’ Zo
begint een geleerd collega een artikel in een tijdschrift, ‘In de waagschaal’.
Ooit zag hij zelfs de ijsvogel, zo mooi. Maar uit alles blijkt dat hij het
ijdele vermaak nu terzijde heeft gelegd. Want het lied van de vogel is een lied
ten dode. Alles zegt en zingt: de dood heerst, het leven is geheel en al van de
vloek doordrongen. De natuur is één grote martelgang richting de dood.

Ik las het artikel sidderend uit. De heilige Paulus, met
zijn woorden over het kreunen en zuchten van de schepping, had de schrijver in
zijn greep genomen, en niet meer los gelaten. Het huwelijk en het eten en
drinken, genegenheid en een lach op z’n tijd, het valt allemaal in het niets
bij de eeuwigheid. Zoals de Duitse theologie in de tijd van de dertigjarige
oorlog, 1618-1648, somber en doodsbepaald, zo ook deze theologie.

Het doet me sterk denken aan de nihilistische somberte van
Hans Dorrestijn, ooit. Alles wat hij schreef en dichtte en op het toneel bracht
ging over dood, of over bijkomende verschijnselen in het licht van de dood, of
het nu seks was of het lesgeven in de Nederlandse taal of het deelnemen aan het
verkeer. Gebroken relaties en diepe depressies kenmerkten zijn leven. Regelmatig
moest hij zijn voorstellingen afzeggen.

Totdat de vogels in zijn leven terugkwamen. Ooit, jongetje
van negen, getiranniseerd door zijn stiefvader, verdreven naar het riet met een
hengel, had hij een lepelaar laag over zien vliegen. Hij was hem nooit
vergeten. En toen iemand hem op sleeptouw nam, door hem de kenmerken van de
heggemus te tonen, laaide een vuur op.

parelduiker met jong, deze zomer in Schotland. nog steeds een vogelkijker…
Voor zijn dichterlijk oeuvre wellicht een probleem, de
somberte verdween. Nu fladderden er vogels doorheen. Die Dorrestijn om
Dorrestijn deden lachen. Vogels als levenskunstenaars ook in het aangezicht van
de dood. De staartmees, klein en kwetsbaar, met een belachelijke staart, die zo
tevreden over zichzelf is, en zo blij met z’n vriendjes.

Dorrestijn is overgestapt, denk ik. Van Paulus citaat uit de
Romeinenbrief naar Matteüs. ‘Beschouw aandachtig de vogels van de hemel’, zo
exegetiseert theoloog en vogelkenner Graham Booth de tekst uit de bergrede. Nét
zo belangrijk als het kleden van de naakten en het liefhebben van de vijanden,
zegt hij. Die vogels bieden een blik op Gods veelkleurigheid, op zijn lichtheid,
op zijn sociale instelling, op, ja, op wat niet al? En op zijn zorg en het
vertrouwen dat je als mens mag hebben.

Dat is wel erg veel, dat vind ik ook. Wel echt geloofstaal.
Met muziek erin; vogelmuziek.
citaat uit Hans Dorrestijn, Vogelgids, Voorwoord 1. (er volgen nog 10 voorwoorden, of meer. En veel meer vogels. Ook de ijsvogel. De vogel die iedereen wil zien, maar het is maar weinigen gegund. Geeft niet. Verlangen een ijsvogel te zien typeert goede mensen…)



vogelschuur

Natuur en dieren Posted on do, november 22, 2012 14:43:06

herplaatsing van 27 November 2008

Boomklever

Ik heb hem nog geen dag niet gehoord, hier in Zeist, de
boomklever. Blauwspechtje, wordt hij in sommige dialecten genoemd, een mooi
vogeltje, loodblauwe rug, oranje flanken, handig loopt hij de eiken achter ons
huis op en neer, langs de stam, over de takken. Met zijn flinke snavel peutert
hij overal insecten vandaan. Maar het meest opvallend is zijn geluid. Nu, in de
winter, meestal een stevige roep, maar soms en straks in het voorjaar een heel
vrolijke luide ‘tjoep tjoep’. Toen ik de hond had uitgelaten, vanochtend,
hoorde ik hem al weer zo vrolijk tjoepen. Amper was ik binnen, of hij landde
aan de andere kant van het raam, op de tegels. Zoek zoek, her en der kijken, in
gaatjes en tussen de bladeren. In zijn snavel een flinke oogst – een cocon
van een insect? Als veelzijdige boomklever kon hij ook de muur beklimmen. Daar vond
hij een gat dat precies was wat hij zocht, en hij stopte zijn snavelinhoud er
in. Hipte nog wat rond, de snavel leeg, keek goed om zich heen of niemand hem
gezien had, en weg.

Nu zit er een dikke grote ongerepte zonnebloempit in een gat
in ons muurtje. Voor slechte tijden. En alleen hij weet ervan.

Let op de vogelen des hemels, zij zaaien niet en maaien niet
en brengen niet bijeen in schuren… het bijbelwoord uit Matteüs 6 heeft een
kleine voetnoot nodig. De gaaien en de boomklevers in onze tuin ondermijnen het
woord van de Heer. Nu, die zal daar wel tegen kunnen. Ik blijf kijken. En wie
weet, op een dag, in het holst van de winter, komt de boomklever terug, zegt
God dank dat het pitje er nog ligt en kan weer een paar uur verder. Als hij
tjoep zegt op een koude dag weet ik dat het zover is.



Duiven in de winter

Natuur en dieren Posted on do, november 22, 2012 14:36:33

herplaatsing van 30 December 2008

Het wintert. Duizend duiven in de kale takken
houden zich stil.
Zien niets en niemand meer.
Ieder voor zich en zwijgend
wachten ze tot de tijd verstrijkt,
de zon weer kracht wint en het voorjaar wekt.

Is dit gelatenheid, aanvaarden wat er is?
Of ook verlangen, hoop op nieuwe tijd?
Alleen het hier en nu –
duif, kale tak en lucht –
of vruchten aan een boom, smakend naar meer?
Hoor ik alleen de kou
of baant zich in mijn oor koerend de lente baan?



Korhoen met bruschetta en cavolo

Natuur en dieren Posted on zo, juni 03, 2012 20:47:37

herplaatsing mei 2010

Pinksteren, echt een dag om een goede maaltijd te koken. We
hebben een nieuw kookboek, eentje dat echt lekker leest! Achterin staan recepten
van topkoks, met een verhaaltje er om heen. Allemaal vertaald uit het
Italiaans; de recepten zijn ook allemaal gebaseerd op de Italiaanse manier van
koken.

Twee Britse koks, Ruth Rogers en Rose Gray, runnen een
beroemd River Cafe in London, en volgen de Italiaanse keuken. Zij geven in het
boek vier recepten mee. De meest opmerkelijke is wel een korhoenschotel. Voor
zes personen: 4 panklare korhoenders. Met zwarte sla en zuurdesembrood een
bijzonder recept ,lijkt me zo. Alleen, hoe kom ik aan korhoenders? De precieze
gegevens ben ik kwijt, maar ik dacht dat de Brabantse populatie nu helemaal is
uitgestorven, de Sallandse kent nog 14 hanen. Pogingen worden ondernomen om
vogels uit het buitenland aan te laten rukken, maar daarover zijnde meningen in
vogelland sterk verdeeld. Genetische vervalsing van de unieke Nederlandse
ondersoort… Nog een beperkt aantal jaren, en het Nederlandse Korhoen is
uitgestorven.

In het origineel heet het recept, zo zie ik, ‘Tetraono con
bruschetta e cavolo nero’. Leve internet. Het is zoals ik al dacht: tetraono,
de Italiaanse naam voor wat in het Engels de Grouse is. Sneeuwhoen,
ruigpoothoen, korhoen (Black Grouse , Tetrao tetrix) en nog een heleboel andere
hoenders horen erbij. Stevige vogels, groter dan fazanten. In Groot-Brittannië,
vooral in Schotland, worden Grouse geschoten, en op whiskyflessen afgebeeld.
Een maaltijd met vier Grouse is te doen, als je wat geld meeneemt.

Arme vertalers. Ze zochten een Nederlandse equivalent en
kwamen bij een vogel terecht die op de Rode Lijst staat, en op de lijst zelfs
donkerpaars gekleurd is. Is zo’n boek nu strafbaar, vragen we ons aan tafel af.
Is dit uitlokken tot een misdrijf, zo’n recept opnemen? ‘Uitgeverij van
Dishoeck zei dat het mocht’, zal de eerstvolgende stroper kunnen zeggen?

Mooi kookboek, dat zeker. Maar ik zal toch eens kijken of er
geen nachtegaletongetjes en gefrituurde leeuweriken in voorkomen. Anders wordt
het toch echt tijd om een potje te grousen*. Net als het Korhoen.

*grouse (werkwoord)zeuren,kankeren, klagen, mopperen, brommen,
pruttelen, morren, over iets mopperen, knorren, knorrend geluid maken, sakkeren

Kookboek: ‘De zilveren lepel’, Van Dishoeck , zesde druk
2010. Zesde druk! En nog niemand die er wat van zei?

Korhoen: zie en hoor via Vogelbescherming.nl .



Bouwpakket voor mezen

Natuur en dieren Posted on zo, januari 01, 2012 21:41:18

eerder geplaatst 6 oktober 2010
Vakantie. Tijd om de voedselvoorziening voor vogels in onze tuin te verbeteren. De wachtrijen worden steeds langer. Als boomklever 1, 2, 3, 4 geweest zijn, volgen ongetelde kool- en pimpelmezen, maar halverwege is boomklever 1 alweer terug. Soms gooien langskomende kauwen de hele lijst door elkaar. Hoewel die erg blij zijn met het werk van de boomklevers 1-4: die gooien alles er uit wat geen zonnebloempit is, dus kunnen ze op de grond al aardig wat vinden. Ook de roodborst en de tortels waarderen dat.
Het voordeel van Zeist is dat de winkel van Vogelbescherming om de hoek zit. Behalve twee extra silo’s en verse pindacake met insekten neem ik een catalogus mee van de groothandel voor vogels, zoogdieren en insecten. Wie weet brengt-ie me op ideeën. Nou zeg, de silo Conqueror moet ik toch echt over het hoofd hebben gezien, zojuist; 90 cm hoog, daar kan 3 kilo in een keer in. Voor het hele Zeisterbos tegelijk.
Ik constateer dat vogelvoerders een Groot Probleem hebben. Grote Vogels, heet dat. Terwijl ik met verbazing en bewondering waarneem hoe kauwtjes hun best doen om al turnend een paar zaadjes te pikken, zijn anderen dat stadium voorbij. Of zijn ze er nog niet aan toe? In elk geval, er zijn allemaal mooie superkooien te vinden, die de silo afschermen voor Grote Vogels. Volgens de ene maat hoort ook de merel daar al bij, de meeste sluiten alleen tortels en kauwen buiten. En gaaien, eksters en kraaien natuurlijk, dat behoeft geen betoog. Kraaien deugen niet. Net zo min als meeuwen. Is er niet een partij die daar over gaat?
Een ander Groot Probleem is tegelijk Rood, de Rode Eekhoorn. Om die voor te zijn verkoopt de firma ook speciale Eekhoornvoederhuisjes: door het plexiglas zien vogels en eekhoorns het voer, maar alleen de eekhoorn is slim genoeg om het deksel op te tillen en er zijn eten uit te halen. Zo motiveer je hem om de vogels niet langer lastig te vallen. Knappe jongen toch! Ik denk even terug aan onze vakantie dit jaar; Zuid-Schotland was zo’n beetje het laatste gebied in Groot-Britannië waar de Rode Eekhoorn nog niet was verdreven door de Grijze Eekhoorn, en een aantal Red Squirrel Protection Officers, geholpen door lokale steungroepen, probeerden dat zo te houden. Misschien komen die nu ook in Nederland te hulp, als onderdeel van de Dierenpolitie! Helpen om het deksel van het voederbakje open te houden.
Maar goed, het kan altijd nog gekker. Ook de Specht, vooral de Grote Bonte, gaat zich te buiten aan baldadig gedrag: hij hakt de nestkastjes die bestemd zijn voor kleintjes open, zodat hij er ook in kan. En de anderen dus op zoek moeten naar nieuwe woonruimte. Speciaal voor de Specht is nu een kast op de markt met een miezerig klein gaatje, dat hij zelf op maat kan hakken. Doe-het-zelven voor Woodpeckers, zogezegd. Dan laten ze vast de rest met rust.
De uitsmijter echter is toch wel aan het slot van het boekje te vinden. Hebben we 57 soorten vogel-, vlinder-, egel-, padden-, eekhoornhuizen gezien (Toon Tellegen is er niets bij), stuit je op een plaatje van losse plankjes. ‘Bouwpakket voor mezen’. In het kader van de voortschrijdende evolutie leg je dit op het terras neer, waarna de mezen uit de buurt er hun eigen favoriete woning van maken? Of begrijp ik het goed, dat het bedoeling is dat opa dit met zijn kleinkinderen in elkaar timmert, ten bate van de mezen? ‘Twee linkerhanden is helemaal niet erg’, staat er, ‘want de gaten zijn al voorgeboord en de handleiding zit er bij.’ Dat zegt Ikea ook altijd. Arme mezen!



Volgende »